Kennisbank
Basis5 min lezen

Risicogroepen: welke honden hebben extra aandacht nodig?

Niet elke hond reageert hetzelfde op warmte. Voor sommige honden begint het risico al op dagen waarop andere honden nog ontspannen meelopen.

Risicogroepen: welke honden hebben extra aandacht nodig?

Waarom de ene hond sneller oververhit raakt dan de andere

Hitte is geen standaardprobleem. De ene hond loopt op een warme dag nog redelijk ontspannen mee, terwijl de andere hond al flink moet werken om zijn lichaam koel te houden.

Dat verschil zit niet in aanstellerij. Het zit in bouw, leeftijd, conditie, gewicht, gezondheid en gedrag. Een fitte jonge hond met een lange snuit heeft meestal meer koelruimte dan een oudere, kortsnuitige hond met overgewicht. Maar ook een fitte hond kan oververhit raken als hij te lang doorgaat.

Daarom is het belangrijk om niet alleen naar de temperatuur te kijken, maar ook naar de hond die voor je staat. Herken je jouw hond in één of meer van de groepen hieronder? Dan schuif je je grens voor “kan nog wel” beter een stukje omlaag.

Niet als paniekstand, maar als praktisch uitgangspunt: korter, rustiger, koeler.

Pups

Een pup is nog volop in ontwikkeling. Zijn lijf is minder goed bestand tegen uitersten dan dat van een volwassen, fitte hond. Daarbij komt iets heel puppy-eigens: veel pups gaan maar door. Spelen, rennen, ontdekken, happen, rollen, weer opstaan, nog een rondje.

Leuk, maar op warme dagen ook verraderlijk.

Een pup voelt niet altijd goed aan wanneer het genoeg is. En als hij midden in een speelsessie zit, wint enthousiasme het vaak van zelfbehoud. Daardoor kan hij al over zijn grens gaan voordat jij denkt: nu wordt het wel erg warm.

Praktisch: kies bij warm weer voor korte plas- en snuffelrondjes in de schaduw. Laat lange speelsessies met andere honden liever zitten, zeker midden op de dag. Neem water mee en plan rust in vóórdat je pup zelf omvalt als een leeggelopen feestballonnetje.

Senioren

Oudere honden hebben vaak minder reserve. Hart, longen, spieren en herstelvermogen kunnen achteruitgaan, ook als je hond nog vrolijk meedoet. Hijgen kost energie, en juist dat hijgen is het belangrijkste koelsysteem van je hond.

De leeftijdsgrens verschilt per hond. Een grote hond kan rond zes à zeven jaar al seniorengedrag laten zien, terwijl een kleine hond op die leeftijd nog behoorlijk fit kan zijn. Kijk dus niet alleen naar de kalender, maar vooral naar je hond.

Loopt hij langzamer? Zoekt hij vaker schaduw? Hijgt hij sneller dan vroeger? Blijft hij ineens wat achter? Dan vertelt zijn lijf je iets.

Praktisch: kies vlakke routes, loop in de schaduw en let actief op subtiele signalen: trager lopen, meer hijgen, schaduw zoeken, achterblijven of minder alert reageren.

Kortsnuitige honden

Dit is een belangrijke risicogroep. Kortsnuitige honden — ook wel brachycefale honden genoemd — hebben door hun bouw minder efficiënte luchtwegen. En juist die luchtwegen gebruikt een hond om via hijgen warmte kwijt te raken.

Bij een hond met een langere snuit werkt de luchtweg meer als koelkanaal. Bij een kortsnuitige hond is dat kanaal smaller, korter en vaak minder vrij. Daardoor moet het lichaam harder werken om hetzelfde koelresultaat te bereiken.

Denk aan rassen zoals de mopshond, Franse bulldog, Engelse bulldog, shih tzu, Pekinees, Dogue de Bordeaux en Cavalier King Charles spaniel. Ook boxers hebben door hun kortere snuit vaak minder marge, al verschilt dat per hond.

Voor deze honden is “even snel een rondje in de ochtendzon” dus niet altijd zo onschuldig als het klinkt. Zeker niet bij warmte, opwinding of inspanning.

Praktisch: vermijd rennen, fietsen en druk spel bij warm weer. Kies korte, rustige wandelingen. Bij twijfel: niet doen.

Honden met overgewicht

Vet werkt isolerend. Een hond met overgewicht draagt letterlijk extra warmte mee. Daarnaast kost bewegen meer energie, waardoor het lichaam ook weer meer warmte produceert. Dat is een onhandige dubbeldeal op warme dagen.

Een hond met overgewicht hoeft dus niet eens extreem actief te zijn om het zwaar te krijgen. Een gewone wandeling kan al meer vragen dan je denkt, zeker als het warm, benauwd of zonnig is.

Praktisch: wees extra zuinig met inspanning. Geen “compensatiewandeling” omdat je gisteren weinig hebt gedaan. Op warme dagen wint rustig snuffelen het van kilometers maken.

Honden met hart- of luchtwegproblemen

Een hond met hart- of luchtwegproblemen heeft minder speelruimte. Het hart helpt warmte via de bloedsomloop verplaatsen. De luchtwegen zijn nodig om via hijgen af te koelen. Als één van die systemen minder goed werkt, raakt het lichaam sneller overbelast.

Denk aan hartproblemen, chronische bronchitis, allergische luchtwegklachten, larynxparalyse of brachycefaal obstructief syndroom.

Bij deze honden is algemeen advies vaak te grof. “Je hond mag wandelen” betekent niet automatisch dat een flinke wandeling bij 25 graden verstandig is.

Praktisch: bespreek met je dierenarts welke grenzen voor jouw hond verstandig zijn. Zeker als je hond medicatie gebruikt, snel benauwd is of eerder problemen had met warmte.

Honden met een dikke of donkere vacht

Ook vacht speelt mee. Een dikke vacht kan warmte vasthouden, en een donkere vacht warmt sneller op in de zon. Dat betekent niet dat je elke dubbelvachtige hond moet scheren — vaak juist niet — maar wel dat je extra moet opletten met zon, inspanning en gebrek aan wind.

Een hond met een dikke vacht kan in de schaduw met een rustig tempo prima functioneren, maar in de volle zon op warm asfalt veel sneller moeite krijgen. Het verschil zit niet alleen in temperatuur, maar in de hele situatie.

Praktisch: zoek schaduw, houd wandelingen korter en voorkom stilzitten of spelen in volle zon. Zorg dat je hond thuis een koele plek heeft.

Risico’s stapelen

Eén risicofactor vraagt aandacht. Meerdere risicofactoren vragen echt om aanpassing.

Een jonge, slanke labrador op een bewolkte dag heeft meer marge dan een oudere Franse bulldog met overgewicht op een benauwde middag. Dat betekent niet dat de ene hond “veilig” is en de andere van suiker is gemaakt. Het betekent alleen dat je eerlijk moet kijken naar de hond die voor je staat.

Warmteveiligheid is maatwerk.

Heeft je hond meerdere risicofactoren? Denk dan niet: we proberen het gewoon even. Denk liever: hoe maak ik het vandaag makkelijker?

Korter wandelen. Meer snuffelen. Minder tempo. Geen bal. Geen fiets. Wel water. Wel schaduw. Wel stoppen voordat je hond zelf aangeeft dat het niet meer gaat.

Gebruik de hitte-check om op basis van jouw hond en het weer van vandaag een eerlijk advies te krijgen.

Bronnen

Hall, E.J., Carter, A.J. & O’Neill, D.G. (2020). Incidence and risk factors for heat-related illness (heatstroke) in UK dogs under primary veterinary care in 2016. Scientific Reports, 10, 9128. DOI: 10.1038/s41598-020-66015-8.

Hall, E.J., Carter, A.J. & O’Neill, D.G. (2020). Dogs Don’t Die Just in Hot Cars — Exertional Heat-Related Illness (Heatstroke) Is a Greater Threat to UK Dogs. Animals, 10(8), 1324. DOI: 10.3390/ani10081324.

Hall, E.J., Carter, A.J., Chico, G., Bradbury, J., Gentle, L.K., Barfield, D. & O’Neill, D.G. (2022). Risk Factors for Severe and Fatal Heat-Related Illness in UK Dogs — A VetCompass Study. Veterinary Sciences, 9(5), 231. DOI: 10.3390/vetsci9050231.

Bruchim, Y., Horowitz, M. & Aroch, I. (2017). Pathophysiology of heatstroke in dogs – revisited. Temperature, 4(4), 356–370. DOI: 10.1080/23328940.2017.1367457.

Cornell University College of Veterinary Medicine. Heatstroke: A medical emergency.

Lees ook